Vervolg verhoren BPOC – Transcriptie 12 Politie Verklaringen

Gespiegeld van Buiten Parlementaire Onderzoeks Commissie.

Transcriptie 12, December 2020:

Mijn naam is… Ik ben nu 14 jaar werkzaam als politieagent. Ik verklaar bij u, omdat het onmogelijk is mijn zorgen binnen de politieorganisatie te bespreken. Zorgen over extreem geweld en grofheid tegen burgers die de maatregelen overtreden en tegen mensen die demonstreren, vernedering van arrestanten, te veel om op te noemen.

Het broeit binnen de politie. Het wantrouwen jegens elkaar is groot. We weten allemaal dat er collega’s zijn die het zat zijn, die zwaar gestrest zijn omdat van ze verwacht wordt dat ze zonder tegenspraak meedoen aan alle misstanden. Je weet nooit hoe je collega er over denkt. Dat deel je niet. Want voor je het weet sta je te boek als ‘wappie-lover’, en dan wordt het leven je onmogelijk gemaakt. Iedereen kijkt dus schuin naar elkaar, omdat niemand elkaar vertrouwt. Dat is levensgevaarlijk. Je moet je collega kunnen vertrouwen, in elke situatie.

De coronacrisis, of liever gezegd het beleid van de overheid, zet mensen tegen elkaar op. Daar is onze werkvloer natuurlijk niet immuun voor. We zijn ook maar mensen. Voor- en tegenstanders van de maatregelen beschimpen elkaar. Dat zie je overal, kijk maar op social media. Dat is erg genoeg, maar die mensen op Facebook weten wel hoe de ander erover denkt. En dat je niet weet hoe je medeburger in de rij bij de kassa er over denkt, is niet zo’n probleem. Maar wanneer je als collega’s bij de politie elkaar niet vertrouwt, kan je niet veilig werken.

Wanneer mijn collega met extreem geweld een ‘wappie’ aanhoudt, en hij komt in de problemen waardoor hij mijn assistentie nodig heeft, voel ik de weerzin tegen zijn optreden. Ik twijfel dan, en dat is gevaarlijk, want hij kan zomaar het onderspit delven. Wapengebruik ligt dan op de loer. En dat om bijvoorbeeld het overtreden van de mondkapjesplicht. Er gaan straks doden vallen, let op mijn woorden.

De sfeer op het werk is dus onherkenbaar veranderd. Het ziekteverzuim neemt toe. Geregeld mis ik collega’s die al maanden thuis zitten. Wanneer ze dan weer terugkomen, wordt er wantrouwend naar ze gekeken, omdat er meteen gedacht wordt dat die collega zich ziek heeft gemeld omdat hij tegen het zero tolerance beleid is en het geweld wat we tegen burgers en demonstranten moeten gebruiken. Je weet dus nooit hoe je collega erover denkt. Zo’n sfeer van wantrouwen is funest, en levert tonnen met stress op. Daardoor functioneer ik slechter, ben ik eerder geprikkeld, heb ik minder geduld, waardoor ik in gespannen situaties waar we ter plekke zijn geroepen zelf ook burgers af ga snauwen.

Ik was twee jaar geleden nog van plan om bij de ME te gaan. Ik zie daar nu uiteraard van af. Wanneer ik zie hoe collega’s eraan toe zijn wanneer ze demonstranten hebben belaagd, schrik ik me rot. En ik zeg belaagd, omdat er geen ander woord voor is. Er wordt zonder enige terughoudendheid op demonstranten ingeslagen. Zo’n collega van de ME zie ik soms vlak na zijn dienst. Sommigen zitten te janken in de kleedkamer. Niemand troost zo’n man, want je wilt niet te boek staan als tegenstander of ‘wappie-lover.’ Er wordt ongemakkelijk naar zo’n collega gekeken. Of hij wordt hardop belachelijk gemaakt, terwijl ik van veel collega’s die daaraan meedoen het sterke vermoeden heb dat ze ook grote gewetensbezwaren hebben tegen het optreden van de ME en politie.

Het is een schizofrene situatie. Je kan nooit laten zien hoe je erover denkt. Je moet elke dag tegen je geweten in handelen. Je doet je voor je collega’s anders voor dan je bent. Daarom gebruik ik het woord schizofreen. De hele politieorganisatie is een schizofrene organisatie geworden. En neem van mij aan dat dit niet begonnen is met de coronacrisis. Het is al jaren aan de gang. Ik heb het sterke gevoel dat hier door de overheid en daarmee door de leiding van de politie langzaam naar zeker naartoe is gewerkt. De politie is niet meer te vertrouwen. Daarmee zeg ik dat ik zelf als politieagent ook niet meer te vertrouwen ben. Dat burgers er niet meer op kunnen vertrouwen dat ik er ben om hen te helpen, en nooit buitenproportioneel geweld zal gebruiken. Burgers kunnen er ook niet op vertrouwen dat klachten die zij indienen wegens overmatig geweld onpartijdig behandeld zullen worden. Trouwens, de meeste klachten belanden op de plank, dat is al jaren zo.

Over collega’s die klagen over de organisatie wordt gezegd dat ze hun eigen nest bevuilen. Maar dat nest is allang door de leiding bevuild, en door de overheid. Ik hoop dat mijn verklaring, en van mijn collega’s die bij u verklaren, tot een onderzoek en tot verandering leidt. Op dit moment zit ik ziek thuis. Ik ben geestelijk opgebrand. Ik weet niet of ik ooit weer aan het werk ga.

Maart 2021: Ik heb mijn toestemming om de beelden van mijn verklaring online te zetten ingetrokken. Verklarende collega’s en de commissie worden bedreigd. Wanneer het in de toekomst veilig kan, mogen de beelden openbaar worden gemaakt.

*Deze verklaring is op schrift gesteld aan de hand van het mondelinge verhoor. Omdat gebruik is gemaakt van transcriptiesoftware kan er sprake zijn van taal-en/of spellingsfouten, waarvoor onze excuses. BPOC2020

Bron: https://bpoc2020.nl/verhoren/