Vervolg verhoren BPOC – Transcriptie 14 Politie Verklaringen

Gespiegeld van Buiten Parlementaire Onderzoeks Commissie.

Transcriptie 14, Februari 2021:

Ik ben… en sinds 14 jaar ben ik als politieagent werkzaam. Ik heb besloten om bij de BPOC2020 mijn verhaal te doen, omdat de politiek de verantwoordelijkheid niet neemt om onderzoek te doen naar een totaal uitholde, verrotte en onmenselijke organisatie.

De wijze waarop er binnen het politiekorps over mensen gesproken wordt is afgrijselijk. Ontmenselijking speelt al jaren op de werkvloer. Ontmenselijking van arrestanten, door ze grof te behandelen en uit te schelden. Door ze niet of pas heel laat medische hulp te geven, zoals medicijnen wanneer ze daar om vragen. Ik doel daarmee op arrestanten die aangehouden zijn, de nacht op het bureau door moeten brengen en noodzakelijke medicijnen thuis hebben liggen. Het komt geregeld voor dat deze mensen dagen lang zonder hun medicijnen zitten. Of burgers die gewond zijn geraakt bij hun arrestatie.

Maar ook ontmenselijking van collega’s d.m.v. pesten, negeren, anoniem klagen over hen bij de leiding, bezittingen ‘kwijt maken’, of ze totaal uitsluiten. Vertrouwenspersonen hebben daar geen oor voor. Ze zijn er wel, maar de meesten zijn echt een lachertje. Vertrouwenspersonen zijn er voor de vorm, zodat de leiding daar goede sier mee kan maken naar buiten toe. Bovendien wordt er hevig gelekt vanuit die zogenaamde vertrouwenspersonen.

Sinds de coronacrisis is die ontmenselijking in rap tempo toegenomen. Demonstranten en mensen die de maatregelen niet opvolgen zijn het eerste doel. U kent de bijnamen wel: wappies, aluminiumhoedjes, complotdenkers. Binnen de organisatie gaan er ook nog grovere benamingen rond. Ik verontschuldig mij op voorhand voor de bewoordingen, maar ik vind het zeer belangrijkdat u een compleet beeld heeft. Benamingen als teringwappies, coronakoeien, covidrunderen, beklapweigeraars, coronakutten (voor vrouwen) en antivaxdebielen. Jongeren zijn pokkepubers, lapzwanzen, virusverspreiders, klotekinderen.

Van een jonge vrouw van 18 die we vasthielden op het bureau vanwege overtreding van de avondklok waarbij ze haar ID niet op eerste bevel liet zien zei een collega dat hij ‘de lange lat er wel even in zal rammen om haar een lesje te leren’. Dit tot groot plezier van andere collega’s. Het meisje was daarbij aanwezig. Het was ronduit schokkend en walgelijk.

Hierover klagen als agent bij de leiding heeft geen zin. Het heeft als resultaat dat je ook doelwit wordt van uitsluiting en pesten. Wanneer een arrestant hier later een klacht over indient wordt het gewoon ontkend en wordt de klacht afgewezen. Tijdens demonstraties filmen agenten het optreden van de ME. Vervolgens gaan die filmpjes rond in WhatsApp groepen. Collega’s laten ze lachend aan elkaar zien. De opmerkingen bij die filmpjes zijn schandalig. Bij een vrouw met een bebloed hoofd stond ‘dat ze door hadden moeten rammen totdat haar schedel was gekraakt als een ei’.

Discriminerende en seksistische opmerkingen onderling en naar en over arrestanten zijn ook al jaren schering en inslag, ook in WhatsApp groepen. Nu zijn natuurlijk vooral ‘wappies’daar het doelwit van. Gekleurde mensen en vrouwen hebben geen leven wanneer ze in een politiecel zetten. Ze worden uitgescholden en vernederd. Demonstranten worden vaak de hele nacht in een dronkenmanscel gezet. Dat zijn cellen zonder toilet, bed en wasbak.

Laatst gaf een jonge vrouw die tijdens een demonstratie was aangehouden of ze naar het toilet mocht. Mijn collega zei dat ze maar ‘in de hoek op haar hurken moest gaan zitten’. Er kwamen twee collega’s bij staan om ‘van het uitzicht te genieten’. De vrouw heeft later haar broek bevuild. Toen was ze een ‘zeikwappie’. Ik bied mijn excuses aan voor het taalgebruik. Maar het taalgebruik is een dagelijks onderdeel van het probleem, van de ontmenselijking, van de machocultuur.

Seksistische opmerkingen tegen vrouwelijke collega’s zijn al sinds ik zelf agent ben heel gewoon. Ik noemde het aan het begin van dit verhoor niet voor niets een verrotte en onmenselijke organisatie. Seksisme en discriminatie zijn diep geworteld, en sinds de crisis hand over hand toegenomen richting demonstranten en overtreders van de maatregelen.

Alles wat nu gaande is heeft grote invloed op mijn leven, op mijn welzijn. Mijn (externe) therapeut zegt dat ik mij ziek moet melden, omdat ik vanwege stress niet geschikt ben om aan het werk te zijn. Maar ziekmelden roept vragen op bij de leiding. Daar word je gewoon over gebeld. Ze vragen dan rechtstreeks of je tegen de maatregelen bent, of tegen het politieoptreden jegens demonstranten. De ‘rotte appels’ moeten eruit van de leiding. Die rotte appels zijn niet de collega’s die meedoen aan de ontmenselijking. Die rotte appels zijn politieagenten zoals ik.

Aanvulling maart 2021: In overleg met de BPOC2020 heb ik besloten de videobeelden van mijn verklaring niet te laten publiceren. Dit om veiligheidsredenen. Ik verklaar hier het diep triest te vinden dat het überhaupt nodig is dat ik op deze wijze, via de BPOC2020, mijn verhaal moet doen.

*Deze verklaring is op schrift gesteld aan de hand van het mondelinge verhoor. Omdat gebruik is gemaakt van transcriptiesoftware kan er sprake zijn van taal-en/of spellingsfouten, waarvoor onze excuses.

Bron: https://bpoc2020.nl/verhoren/